Het is hier in de Achterhoek al dagen om te smelten, en ik merk dat mijn lichaam daar heel anders op reageert dan vorig jaar. Vorig jaar was het gewoon warm. Nu is het warm én misselijk én moe én warm. U begrijpt het wel.
Ik ben nu ergens rond de twintig weken, de exacte telling wisselt nog een beetje afhankelijk van welke echo je gelooft. Volgende week heb ik weer een controle, en ik merk dat ik daar naar uitkijk op een manier die ik mezelf een jaar geleden nooit had kunnen voorstellen. Ik was meer bezig met uitzoeken of ik mijn pensioen eerder kon aanvragen.
Femke heeft gisteren voor het eerst haar hand op mijn buik gelegd. Ze zei er niets bij, maar dat hoefde ook niet. Dat was genoeg voor nu.
Mijn man rijdt intussen de rolluiken naar beneden en vraagt of ik iets wil drinken. We redden ons wel, de twee van ons. Gewoon een woensdag, maar een die ik niet snel vergeet.
Warmte en wachten
💬 3